Ok, ik geef het toe. Op dit punt loop ik bijna een week achter met mijn dagboek. Ik ga dus proberen de afgelopen eerste week een beetje samen te vatten om weer helemaal bij te zijn.
Het gebied waar ik in zit is Paramaribo Zuid. Men noemt het ook wel “The Ghetto”. Van alle gebieden is de houding van de inwoners tegenover zendelingen hier het slechts. Ze zeggen dat dit gebied je als zendeling kan maken of kraken. Mijn collega zit hier al 6 transfers (6x6 weken) en ik ben er nog niet helemaal uit of hij gemaakt of gekraakt is hier J
Maar het is dus best interessant om dit als eerste gebied te hebben, nu hopen dat ik sterk genoeg ben om het aan te kunnen. Ik zal eens beschrijven hoe het een beetje is hier:
Allereerst moet je door de hoge luchtvochtigheid alles goed droog houden en zeker niet nat opbergen want er zit binnen no-time een laag schimmel op. Toen ik hier aankwam zat er overal in de badkamer een vingerdikke laag schimmel, ik wilde dat ik er foto’s van had gemaakt (ik heb het nu schoongemaakt). Verder liggen er dode kakkerlakken (geen grap, ter grootte van een duim) in de keukenkastjes en zijn er overal mieren. Ik heb dit allemaal nu trouwens wel onder controle. De matras of eigenlijk de matrassen, waar ik op slaap lijken wel op het Himalaya gebergte, zoveel hellingen en dalen zitten er in. Mijn nachtrust is dus niet zo geweldig. Als wij de deur uit gaan moeten wij ons eerst door 5 hangsloten en nog meer deursloten heen worstelen voordat wij eenmaal onze fietsen hebben en de poort uit zijn. Mijn fiets is ook een verhaal apart. Constant ligt de ketting eraf, ook al is het een eenvoudige fiets met terugtraprem, en de ketting is ook al eens gebroken geweest. Lekke banden komen ook minstens 2x per week voor. Dat is niet zo heel erg gek als je ziet hoe de weg eruitziet hier. Ik zit nu in de stad en het meeste is wel geasfalteerd, maar als je even niet oplet lig je in een gat of een put zonder deksel. De wegen zijn verzakt tot het extreme aan toe, fietsen is dus een constante slalom. Er zijn ook veel zandweggetjes en wegen die opengebroken zijn en waarschijnlijk nooit meer geasfalteerd worden.
Omdat ik in de stad ben is er weinig natuur of jungle te vinden. Het meeste zie je huizen die zo’n 30 jaar niet meer geverfd zijn met rommelige erven. Veel afval langs de weg en de geur van een dode hond is mij ook niet vreemd meer.
Het lijkt een beetje, of eigenlijk heel erg, erop dat dit land gestopt is zich te ontwikkelen zodra zij zelfstandig werden en zich losmaakten van Nederland. De hekwerken van de legerkazerne zijn daar een mooi voorbeeld van, er zitten gaten van roest in waar een olifant nog doorheen zou kunnen lopen.
Als wij in ons gebied over straat rijden wordt er met grote regelmaat door kinderen en volwassenen “Sekte” geroepen. Een of andere pastoor heeft in juni in een TV show gezegd dat de “bakra’s” (de zendelingen) op de fiets ’s nachts hoofden van mensen afsnijden en rare dingen met kinderen doen. Blijkbaar geloven nogal veel mensen dat.
Honden zijn ook wel grappig, ik heb er al 3 gehad die in mijn schoenen beten. Het zijn gewoon onafgerichte onverzorgde beesten die alleen maar goed zijn als deurbel. Wij moeten er best mee oppassen dus.
Tegen de avonduren beginnen veel mensen hun afval te verbranden, wat voor veel rook en stank zorgt. Net als het verkeer overigens, roetfilters zijn hier nog niet uitgevonden en ze weten, denk ik, niet hoe ze een motor af moeten stellen. Veel auto’s, busjes en brommers laten een rookgordijn achter waar je U tegen zegt. Het verkeer is linksrijdend en ook gewoon een chaos, mensen gebruiken liever hun toeter dan hun rem. Weinig auto’s hebben dan ook géén deuk in de bumpers of deuren.
99% van de tijd dat wij met mensen een les delen zitten wij buiten.
Sommige mensen wonen in een hok van een paar planken en een golfplaten dak erop.
Dit alles doet mij beseffen, hoe goed wij het wel niet hebben in ons kikkerlandje. Al dat geklaag wat ik daar hoorde over een land dat best efficiënt draait en waar goed voor de mensen wordt gezorgd. Kom gewoon eens hierheen om te zien hoe het ook kan.
Oh, en over mijn zending:
Dankzij dit alles is dit waarlijk de beste zending in de wereld!!!
De mensen zijn wel grappig. Veel opener dan bijvoorbeeld in Nederland. 7 op de 10 mensen waarmee ik spreek geven ons een adres. Mensen geven liever een vals adres dan dat zij “niet geïnteresseerd” zeggen; enorm veel mensen (ook leden) missen hun afspraken. Daardoor staan wij vaak midden op de dag te brainstormen over “wat nu te doen”. Als wij een les delen is het vaak 3x iets uitleggen voordat het begrepen wordt. Maar de mensen zijn over het algemeen dus best warm en hartelijk, is leuk om mee te werken.
De kerkgemeente waar wij in zitten is niet zo groot. Paramaribo stad, deze gemeente is redelijk nieuw en zo’n 30 leden bezoeken de kerk op zondag. Ons appartement is best ver van ons gebied en ook van deze kerk vandaan. Dichtbij ons appartement is een andere gemeente van onze kerk, namelijk de gemeente Tamega. Dit wordt ook wel de hoofdgemeente genoemd omdat zij het grootste gebouw (best een mooie kerk) en de meeste leden hebben. Mijn collega en ik doen het onderhoud van het doopvont in dit kerkgebouw.
Het weer is over het algemeen zonnig en het is echt heel warm. Naar buiten gaan is alsof je in een oven met een deken om je heen stapt. Ik zweet echt héél erg veel. Ik probeer dus ook echt Ruben’s advies op te volgen en 6 liter water per dag te drinken, wat aardig lukt.
Er waren géén onderzoekers toen ik hier kwam. Het was net alsof dit gebied net geopend was, een frisse start dus. Ik vind het geweldig en ik ben er vol ingedoken. Ik heb één enorm voordeel, dat is dat ik de taal spreek. Tegen het eind van de week hadden wij 11 nieuwe onderzoekers die geïnteresseerd leken.
Een paar voorbeelden:
De familie Fonkel hebben wij gevonden toen wij aan de deur klopten. (Er zijn geen deurbellen, dus je loopt naar het hek en roept “klop klop”) De man des huizes liet ons gelijk binnen alsof hij ons al jaren kende en riep heel de familie bijeen om naar ons te luisteren. Een paar keer terug geweest en zij lijken wel geïnteresseerd. Wij worden elke keer hartelijk ontvangen en zij luisteren aandachtig.
Ronald is een jonge man van 22. Ik ben echt onder de indruk van hem. Hij is heel geïnteresseerd, heel rustig en gevoelig. Soms moeilijk te peilen, maar heel dankbaar dat wij altijd tijd voor hem hebben. Ik heb echt een goed gevoel over hem.
Michael ontvangt ons altijd heel erg warm. Hij is een man van middelbare leeftijd met een gezin dat hij onderhoudt met een baan in de houtzagerij. Hij luistert altijd aandachtig en stelt goede vragen. Helaas komt hij zijn toezeggingen en afspraken niet altijd na, maar dat kan nog veranderen.
Dit was een beetje het leven in Suriname. Het leven als een zendeling bevalt mij wel. Het is véél drukker dan ik dacht, en soms een beetje ondragelijk met die hitte. Maar het geeft zo veel voldoening om constant de hand van de Heer in het werk te zien en om zo geleid te worden naar hele bijzondere mensen. Ik ben dus super enthousiast en gemotiveerd om dit te doen hier!.
Het gebied waar ik in zit is Paramaribo Zuid. Men noemt het ook wel “The Ghetto”. Van alle gebieden is de houding van de inwoners tegenover zendelingen hier het slechts. Ze zeggen dat dit gebied je als zendeling kan maken of kraken. Mijn collega zit hier al 6 transfers (6x6 weken) en ik ben er nog niet helemaal uit of hij gemaakt of gekraakt is hier J
Maar het is dus best interessant om dit als eerste gebied te hebben, nu hopen dat ik sterk genoeg ben om het aan te kunnen. Ik zal eens beschrijven hoe het een beetje is hier:
Allereerst moet je door de hoge luchtvochtigheid alles goed droog houden en zeker niet nat opbergen want er zit binnen no-time een laag schimmel op. Toen ik hier aankwam zat er overal in de badkamer een vingerdikke laag schimmel, ik wilde dat ik er foto’s van had gemaakt (ik heb het nu schoongemaakt). Verder liggen er dode kakkerlakken (geen grap, ter grootte van een duim) in de keukenkastjes en zijn er overal mieren. Ik heb dit allemaal nu trouwens wel onder controle. De matras of eigenlijk de matrassen, waar ik op slaap lijken wel op het Himalaya gebergte, zoveel hellingen en dalen zitten er in. Mijn nachtrust is dus niet zo geweldig. Als wij de deur uit gaan moeten wij ons eerst door 5 hangsloten en nog meer deursloten heen worstelen voordat wij eenmaal onze fietsen hebben en de poort uit zijn. Mijn fiets is ook een verhaal apart. Constant ligt de ketting eraf, ook al is het een eenvoudige fiets met terugtraprem, en de ketting is ook al eens gebroken geweest. Lekke banden komen ook minstens 2x per week voor. Dat is niet zo heel erg gek als je ziet hoe de weg eruitziet hier. Ik zit nu in de stad en het meeste is wel geasfalteerd, maar als je even niet oplet lig je in een gat of een put zonder deksel. De wegen zijn verzakt tot het extreme aan toe, fietsen is dus een constante slalom. Er zijn ook veel zandweggetjes en wegen die opengebroken zijn en waarschijnlijk nooit meer geasfalteerd worden.
Omdat ik in de stad ben is er weinig natuur of jungle te vinden. Het meeste zie je huizen die zo’n 30 jaar niet meer geverfd zijn met rommelige erven. Veel afval langs de weg en de geur van een dode hond is mij ook niet vreemd meer.
Het lijkt een beetje, of eigenlijk heel erg, erop dat dit land gestopt is zich te ontwikkelen zodra zij zelfstandig werden en zich losmaakten van Nederland. De hekwerken van de legerkazerne zijn daar een mooi voorbeeld van, er zitten gaten van roest in waar een olifant nog doorheen zou kunnen lopen.
Als wij in ons gebied over straat rijden wordt er met grote regelmaat door kinderen en volwassenen “Sekte” geroepen. Een of andere pastoor heeft in juni in een TV show gezegd dat de “bakra’s” (de zendelingen) op de fiets ’s nachts hoofden van mensen afsnijden en rare dingen met kinderen doen. Blijkbaar geloven nogal veel mensen dat.
Honden zijn ook wel grappig, ik heb er al 3 gehad die in mijn schoenen beten. Het zijn gewoon onafgerichte onverzorgde beesten die alleen maar goed zijn als deurbel. Wij moeten er best mee oppassen dus.
Tegen de avonduren beginnen veel mensen hun afval te verbranden, wat voor veel rook en stank zorgt. Net als het verkeer overigens, roetfilters zijn hier nog niet uitgevonden en ze weten, denk ik, niet hoe ze een motor af moeten stellen. Veel auto’s, busjes en brommers laten een rookgordijn achter waar je U tegen zegt. Het verkeer is linksrijdend en ook gewoon een chaos, mensen gebruiken liever hun toeter dan hun rem. Weinig auto’s hebben dan ook géén deuk in de bumpers of deuren.
99% van de tijd dat wij met mensen een les delen zitten wij buiten.
Sommige mensen wonen in een hok van een paar planken en een golfplaten dak erop.
Dit alles doet mij beseffen, hoe goed wij het wel niet hebben in ons kikkerlandje. Al dat geklaag wat ik daar hoorde over een land dat best efficiënt draait en waar goed voor de mensen wordt gezorgd. Kom gewoon eens hierheen om te zien hoe het ook kan.
Oh, en over mijn zending:
Dankzij dit alles is dit waarlijk de beste zending in de wereld!!!
De mensen zijn wel grappig. Veel opener dan bijvoorbeeld in Nederland. 7 op de 10 mensen waarmee ik spreek geven ons een adres. Mensen geven liever een vals adres dan dat zij “niet geïnteresseerd” zeggen; enorm veel mensen (ook leden) missen hun afspraken. Daardoor staan wij vaak midden op de dag te brainstormen over “wat nu te doen”. Als wij een les delen is het vaak 3x iets uitleggen voordat het begrepen wordt. Maar de mensen zijn over het algemeen dus best warm en hartelijk, is leuk om mee te werken.
De kerkgemeente waar wij in zitten is niet zo groot. Paramaribo stad, deze gemeente is redelijk nieuw en zo’n 30 leden bezoeken de kerk op zondag. Ons appartement is best ver van ons gebied en ook van deze kerk vandaan. Dichtbij ons appartement is een andere gemeente van onze kerk, namelijk de gemeente Tamega. Dit wordt ook wel de hoofdgemeente genoemd omdat zij het grootste gebouw (best een mooie kerk) en de meeste leden hebben. Mijn collega en ik doen het onderhoud van het doopvont in dit kerkgebouw.
Het weer is over het algemeen zonnig en het is echt heel warm. Naar buiten gaan is alsof je in een oven met een deken om je heen stapt. Ik zweet echt héél erg veel. Ik probeer dus ook echt Ruben’s advies op te volgen en 6 liter water per dag te drinken, wat aardig lukt.
Er waren géén onderzoekers toen ik hier kwam. Het was net alsof dit gebied net geopend was, een frisse start dus. Ik vind het geweldig en ik ben er vol ingedoken. Ik heb één enorm voordeel, dat is dat ik de taal spreek. Tegen het eind van de week hadden wij 11 nieuwe onderzoekers die geïnteresseerd leken.
Een paar voorbeelden:
De familie Fonkel hebben wij gevonden toen wij aan de deur klopten. (Er zijn geen deurbellen, dus je loopt naar het hek en roept “klop klop”) De man des huizes liet ons gelijk binnen alsof hij ons al jaren kende en riep heel de familie bijeen om naar ons te luisteren. Een paar keer terug geweest en zij lijken wel geïnteresseerd. Wij worden elke keer hartelijk ontvangen en zij luisteren aandachtig.
Ronald is een jonge man van 22. Ik ben echt onder de indruk van hem. Hij is heel geïnteresseerd, heel rustig en gevoelig. Soms moeilijk te peilen, maar heel dankbaar dat wij altijd tijd voor hem hebben. Ik heb echt een goed gevoel over hem.
Michael ontvangt ons altijd heel erg warm. Hij is een man van middelbare leeftijd met een gezin dat hij onderhoudt met een baan in de houtzagerij. Hij luistert altijd aandachtig en stelt goede vragen. Helaas komt hij zijn toezeggingen en afspraken niet altijd na, maar dat kan nog veranderen.
Dit was een beetje het leven in Suriname. Het leven als een zendeling bevalt mij wel. Het is véél drukker dan ik dacht, en soms een beetje ondragelijk met die hitte. Maar het geeft zo veel voldoening om constant de hand van de Heer in het werk te zien en om zo geleid te worden naar hele bijzondere mensen. Ik ben dus super enthousiast en gemotiveerd om dit te doen hier!.